Defensie in de Troonrede

(…)

Stabiliteit, vrede en goed bestuur worden gediend met samenwerking binnen internationale organisaties zoals de Europese Unie, de NAVO en de Verenigde Naties. Een goed toegeruste veiligheids- en defensieorganisatie draagt daartoe bij. De eerste taak van onze krijgsmacht is de zorg voor de veiligheid van het eigen en het bondgenootschappelijk grondgebied. Daarenboven heeft Nederland ook de opdracht aanvaard bij te dragen aan internationale vredesmissies en crisisbeheersingsoperaties.

Grote dank zijn wij verschuldigd aan de mannen en vrouwen die zich in de afgelopen acht jaren in Afghanistan hebben ingezet, in het bijzonder in de provincie Uruzgan, om de bevolking te helpen bij het bouwen aan een betere toekomst. Ook hen die thans nog de verantwoordelijkheid dragen voor de veilige terugkeer van de laatste eenheden en materieel, willen wij in onze dank betrekken.

Intens medeleven gaat uit naar degenen die gewond zijn geraakt bij het uitoefenen van hun taken. Diep respect zullen wij blijven voelen voor degenen die bij het vervullen van hun opdracht hun leven hebben gegeven. Zij -­ en hun nabestaanden – blijven in onze gedachten. Wij allen kunnen trots zijn op wat onder zeer moeilijke omstandigheden is verricht in Afghanistan.

(…)

(bron: Troonrede, 21 september 2010)

Geplaatst in Defensie | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Begroting: 8,5 miljard voor Defensie

Defensie staat voor vrede en veiligheid, in eigen land en daarbuiten. Nederland levert daarmee een bijdrage aan stabiliteit en vrijheid in de wereld. De Koninklijke Marine, Koninklijke Landmacht, Koninklijke Luchtmacht en de Koninklijke Marechaussee zijn snel en flexibel inzetbaar en kunnen overal ter wereld optreden, ook onder de zwaarste omstandigheden.

Ook in 2011 en in de jaren daarna zal op Defensie een beroep worden gedaan voor kwalitatief hoogwaardige militaire bijdragen aan nationale taken en internationale operaties. Dat betekent dat de krijgsmacht ervoor moet zorgen dat de inzetbaarheid in stand blijft. Het Ministerie van Defensie heeft daarvoor het komend jaar een budget van bijna 8,5 miljard euro ter beschikking. Dat blijkt uit de Defensieparagraaf in de Rijksbegroting die vandaag is gepresenteerd. Vanaf 2012 moet het departement jaarlijks 11 miljoen euro besparen, een gevolg van de ‘doelmatigheidskorting Rijksdienst’, waaraan ook Defensie moet bijdragen.

Defensie heeft te maken met een aantal tegenvallers. De kosten voor de instandhouding van het materieel zijn hoger dan voorzien, de uitstroom van personeel is afgenomen en de uitgaven aan bijvoorbeeld pensioenen en uitkeringen zijn gestegen. Door de financiële crisis heeft Defensie te maken met tegenvallers bij de verkoop van materieel, waardoor vertragingen optreden in de verkoopopbrengsten en bovendien de totale opbrengsten lager uitvallen dan gepland. De prijsbijstelling draagt slechts in beperkte mate bij aan de oplossing van deze problemen.

Om de begroting voor 2011 sluitend te krijgen heeft minister Eimert van Middelkoop besloten tot een aantal maatregelen. Het betreft herschikkingen en versoberingsmaatregelen, onder meer bij de dienstverlening en de ondersteuning, die gevolgen hebben voor de operationele doelstellingen. Daar waar nodig zijn de opdrachten aan de zogenoemde operationele commando’s – zoals marine, landmacht, luchtmacht en marechaussee – voor 2011 tijdelijk aangepast en is het oefenprogramma beperkt. Ook zijn er aanpassingen in investeringsprojecten gedaan.

Investeren
Een uitgangspunt van de herschikkingen is de goede voortzetting van lopende missies. Verder blijft Defensie investeren in haar personeel, de operationele inzetbaarheid en de bedrijfsvoering. Deze investeringen zijn nodig om te kunnen blijven beschikken over een kwalitatief hoogwaardige krijgsmacht die nationaal en internationaal kan worden ingezet. De belangrijkste doelstelling op het gebied van personeelsbeleid is het vullen en gevuld houden van de defensieorganisatie met goed opgeleid en gemotiveerd personeel. Tussen 2011 en 2015 zal de vulling naar verwachting geleidelijk oplopen van 95,8 procent in 2011 naar 98 procent in 2015 en latere jaren.

Samenwerken
Het blijft van belang waar mogelijk te streven naar verdere internationale samenwerking. De maritieme samenwerkingsverbanden met het Verenigd Koninkrijk en België, maar ook de deelname aan het NAVO AWACS-programma zijn daarvan voorbeelden, evenals de landmachtsamenwerking in het Duits-Nederlandse Legerkorps. Meer recente voorbeelden zijn de deelname aan de pool van C-17 vrachttoestellen, die op initiatief van de NAVO de strategische luchttransportcapaciteit vergroot, en de ontwikkeling van het European Air Transport Command (EATC) in Eindhoven.

Inzet
De krijgsmacht bewijst haar professionaliteit in operaties in uiteenlopende gebieden als Afghanistan, Irak, het Midden-Oosten, Afrika en op de Balkan. Voor de piraterijbestrijding rond de Hoorn van Afrika neemt Defensie deel aan zowel de EU-operatie Atalanta als de NAVO-operatie Ocean Shield. Bij operaties moet rekening worden gehouden met een wisselende geweldsintensiteit, een toenemende complexiteit en een toenemend aantal belanghebbenden.

Ook voor de binnenlandse veiligheid, door onder andere de ondersteuning van civiele autoriteiten, blijft de inzet van de krijgsmacht van groot belang. Voor nationale taken zijn 3000 militairen beschikbaar voor onder meer het assisteren bij rampenbestrijding. Voorbeelden van de inzet van Defensie voor nationale taken zijn de kustwacht, de Koninklijke Marechaussee, de explosievenopruimingsdienst, de mijnen- en explosievenruiming op de Noordzee, de Quick Reaction Alert met F-16’s, de Search and Rescue-taken van de maritieme helikopters, de (bijdrage aan de) Dienst Speciale Interventies (DSI), de luchtverkeersleiding van Nieuw Milligen, het Chemisch, Biologisch, Radiologisch en Nucleair (CBRN) reactieteam en de ondersteuning van het Landelijk Operationeel Coördinatiecentrum in Driebergen.

Rijksbegroting Defensie 2011 (.pdf, 142 pagina’s)

(bron: ministerie van Defensie, 21 september 2010)

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , | Plaats een reactie

Kapitein Marco Kroon wordt vervolgd

(Persbericht Openbaar Ministerie)

Openbaar Ministerie vervolgt militair

20 september 2010 – Arrondissementsparket Den Bosch

Het Openbaar Ministerie te ’s-Hertogenbosch heeft besloten de militair Marco K. strafrechtelijk te vervolgen. K. wordt verdacht van twee strafbare feiten: het voorhanden hebben en verstrekken van enkele stroomstootwapens en het meermalen voorhanden hebben van kleine hoeveelheden harddrugs voor eigen gebruik. Uit het onderzoek is niet gebleken dat Marco K. heeft gehandeld in harddrugs of daarbij betrokken is geweest.

In het onderzoek zijn verscheidene personen als verdachte aangemerkt van overtreding van de Opiumwet of de Wet Wapens en Munitie.
Ten aanzien van deze personen is nog geen vervolgingsbeslissing genomen. Geen van deze personen is militair.

De zaak zal worden voorgelegd aan de militaire rechtbank in Arnhem. Om die reden wordt de strafzaak overgedragen aan het arrondissementsparket Arnhem. De geplande zittingsdatum is 29 november 2010.

Geplaatst in Defensie | Tags: | Plaats een reactie

Rapport omgangsvormen Defensieopleidingen aangeboden

Het onderzoek naar omgangsvormen op opleidingsinstituten van Defensie, dat minister van Defensie Eimert van Middelkoop op verzoek van de Tweede Kamer heeft laten doen, is afgerond. Het uitkomen van het rapport valt samen met recente berichtgeving over incidenten op de Nederlandse Defensie Academie. De minister heeft bij het aanbieden van het rapport aan de Kamer ook een reactie gegeven op deze incidenten.

Het onderzoek van bureau Blauw Research is uitgevoerd op de Wachtmeesteropleiding van het Landelijk Opleidingscentrum van de Koninklijke Marechaussee, het Opleidingscentrum Initiële Opleidingen en de Koninklijke Militaire School van de Koninklijke Landmacht, de Koninklijke Militaire Academie en het Koninklijk Instituut voor de Marine van de Nederlandse Defensie Academie (NLDA) en de Eerste Maritiem Militaire Vorming van de Koninklijke Marine.

Bevindingen

Het rapport stelt vast dat de omgangsvormen en de sfeer bij de onderzochte opleidingsinstituten in algemene zin overwegend positief zijn. Het onderzoek wijst echter ook uit dat de specifieke kenmerken en de cultuur ongewenst gedrag in de hand kunnen werken, in het bijzonder bij de initiële officiersopleidingen van de NLDA.

Minister Van Middelkoop vindt de bevindingen op dit punt aanleiding om nadere, gerichte maatregelen te nemen. De omstandigheden die ongewenst gedrag op de opleidingsinstituten van Defensie in de hand werken, worden aangepakt, en de regels die Defensie aan gedrag stelt, zullen daar beter worden gehandhaafd. De minister noemt de maatregelen een investering in de leerlingen en de opleidingen, die zich in de toekomst zal terugbetalen wanneer leerlingen zelf leidinggevenden zijn.

Alert
Minister Van Middelkoop benadrukt dat de incidenten op de NLDA die recent in het nieuws zijn geweest de noodzaak onderstrepen om op alle niveaus in de defensieorganisatie alert te blijven op ongewenst gedrag en integriteitschendingen. Hij constateert dat leidinggevenden hebben opgetreden bij die incidenten waarbij aan Defensie is gemeld om wie het gaat. Dat gebeurde conform de interne klachtenprocedure over ongewenst gedrag of, in geval van een aangifte, in samenwerking met de Koninklijke Marechaussee.

Preventie
Tegelijkertijd constateert de minister dat het in deze gevallen heeft ontbroken aan aandacht voor de gevolgen van ongewenst gedrag voor het verdere functioneren van het slachtoffer in zijn werkomgeving en loopbaan. Juist in de wetenschap dat ongewenst gedrag niet volledig is uit te sluiten, zal de aandacht nadrukkelijker moeten worden gericht op de preventie van ongewenst gedrag en op de wijze waarop de opleidingen daarmee in voorkomend geval omgaan. Slachtoffers van ongewenst gedrag moeten zich gesteund weten door de organisatie waarvan zij deel uitmaken.

(Bron: ministerie van Defensie, 27 augustus 2010)

Kamerbrief onderzoek omgangsvormen bij opleidingsinstituten van Defensie

Bijlage 1 bij Kamerbrief onderzoek omgangsvormen bij opleidingsinstituten van Defensie (=onderzoeksrapport Blauw Research b.v.) 154 pagina’s

Bijlage 2 bij Kamerbrief
onderzoek omgangsvormen bij opleidingsinstituten van Defensie (overzicht vijf cases)

Geplaatst in Defensie | Tags: , , , , , , | Plaats een reactie

Nieuw rapport geschorste medewerkers MIVD

Het toezichtsrapport van de Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) over het handelen van de MIVD jegens twee (ten tijde van het instellen van het onderzoek) geschorste medewerkers is door de minister van Defensie verzonden aan de Tweede Kamer.

Het onderzoek van de Commissie heeft zich primair gericht op de rechtmatigheid van het handelen van de MIVD jegens twee geschorste medewerkers. De Commissie heeft daarnaast aandacht besteed aan aspecten van de interne organisatie van de MIVD die naar voren zijn gekomen in de loop van haar onderzoek.

De Commissie heeft acht verschillende, met (één van) de geschorste medewerkers verband houdende, onderzoeken binnen de MIVD beoordeeld. Daarnaast heeft de Commissie vanuit het oogpunt van de volledigheid besloten een negende daaruit voortvloeiend onderzoek toe te voegen. Het gaat in totaal om twee hernieuwde veiligheidsonderzoeken, een intern onderzoek en zes contra-inlichtingenoperaties.

Het eerste onderzoek naar één van de geschorste medewerkers, een contra-inlichtingenoperatie, werd in oktober 2006 ingesteld naar aanleiding van bij de MIVD binnengekomen informatie. Deze informatie vormde tevens de aanleiding om de betrokken medewerker te schorsen en een hernieuwd veiligheidsonderzoek in te stellen. Uit de eerste contra-inlichtingenoperatie kwam informatie voort die leidde tot de verdenking dat de twee geschorste medewerkers voornemens waren voor zichzelf een pensioenvoorziening op te bouwen door middel van oneigenlijk gebruik van hun bevoegdheden en de financiële middelen waarover zij uit hoofde van hun functie konden beschikken. Deze verdenking vormde, na verder onderzoek, uiteindelijk de aanleiding voor het schorsen van beide medewerkers en het instellen van een hernieuwd veiligheidsonderzoek in mei 2007. Dit hernieuwde veiligheidsonderzoek leidde in augustus 2008 tot de intrekking van de verklaringen van geen bezwaar (VGB) van de betrokkenen. In de periode na het hernieuwde veiligheidsonderzoek heeft de MIVD naar aanleiding van nieuwe meldingen bijzondere bevoegdheden ingezet. Deze inzet van bijzondere bevoegdheden vond plaats in het kader van vier contra-inlichtingenoperaties in de periode oktober 2008 tot maart 2010.

Ten aanzien van de twee hernieuwde veiligheidsonderzoeken naar de geschorste medewerkers heeft de Commissie geconstateerd dat de MIVD voldoende aanleiding had voor het instellen van die onderzoeken.

Het eerste hernieuwde veiligheidsonderzoek naar één van de geschorste medewerkers dat eind 2006 gelopen heeft, had, naar het oordeel van de Commissie, met meer gerichtheid en diepgang uitgevoerd moeten worden. Voorts had de MIVD op dat moment niet mogen beslissen de VGB van de betrokkene te handhaven, vanwege de ernstige aanwijzingen die de MIVD had dat aan zijn betrouwbaarheid en integriteit moest worden getwijfeld.

Het tweede hernieuwde veiligheidsonderzoek, dat vanaf mei 2007 heeft plaatsgevonden en zich richtte op beide geschorste medewerkers, is binnen de geldende wet- en regelgeving door de MIVD uitgevoerd. De Commissie is van oordeel dat er voldoende feiten en omstandigheden in het hernieuwde veiligheidsonderzoek naar voren zijn gekomen die de intrekking van de VGB’s van de betrokkenen hebben gerechtvaardigd. Dit oordeel van de Commissie wijkt af van hetgeen de commissie Borghouts en de bezwarenadviescommissie Defensie hierover hebben gesteld.

Ten aanzien van de uitgevoerde contra-inlichtingenoperaties is de Commissie van oordeel dat de MIVD in een aantal gevallen, bij het vaststellen van het onderzoeksdoel en bij het uitvoeren van het onderzoek, onvoldoende de aansluiting met de wettelijke taakstelling voor ogen heeft gehouden. Dit heeft geleid tot het oordeel van de Commissie dat de inzet van bijzondere bevoegdheden in een tweetal operaties uitgevoerd in de periode 2008-2010, dat wil zeggen in de periode na intrekking van de VGB’s van de geschorste medewerkers, onrechtmatig was. Daarnaast is de Commissie van oordeel dat de MIVD in een aantal operaties gegevens heeft verwerkt die niet het doel van de operatie dienden en ook niet in het kader van de taakuitvoering relevant waren. De Commissie beveelt de MIVD aan de onrechtmatig verwerkte gegevens te verwijderen en vernietigen.

Met betrekking tot de interne organisatie van de MIVD heeft de Commissie in haar onderzoek een aantal knelpunten gesignaleerd die betrekking hebben op de reguliere operationele werkzaamheden van de dienst en die mede van invloed zijn geweest op het verloop van het handelen van de MIVD. De Commissie wijst hier met name op het onvoldoende doorlopen van bestaande procedures op het gebied van sturing, begeleiding en het afleggen van verantwoording.

Daarnaast heeft de Commissie in haar onderzoek bepaalde zaken gesignaleerd die in meer of mindere mate van invloed kunnen zijn geweest op de keuzes die de MIVD heeft gemaakt. De Commissie constateert in dit kader onder meer dat er in beperkte mate regie werd gehouden over het geheel van onderzoeken en dat in veel gevallen een gedegen verslaglegging en dossiervorming ontbrak.

De Commissie onderschrijft dat er bij het handelen van de MIVD in het kader van de hier in het geding zijnde onderzoeken, zwaarwegende, legitieme belangen op het spel hebben gestaan. De MIVD heeft daarbij, naar het oordeel van de Commissie, in een aantal gevallen niet gehandeld volgens de geldende wet- en regelgeving. Voorts heeft de MIVD niet altijd de juiste keuzes gemaakt. De Commissie merkt daarbij op dat er geen aanwijzingen zijn om de integriteit van de dienst in twijfel te trekken.

De door de Commissie geconstateerde onrechtmatigheden en de gesignaleerde knelpunten in de interne organisatie dienen aanleiding te geven voor het op bepaalde punten aanpassen en verbeteren van de werkwijze van de MIVD.

(Bron: Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten. Voor het volledige rapport, klik hier)

Reactie van de demissionair minister van Defensie Eimert van Middelkoop:

Lees verder

Geplaatst in Defensie | Tags: , | Plaats een reactie

Marine onderschept piraten bij Somalië

DEN HAAG (ANP) – Het Nederlandse marinefregat Hr. Ms. De Zeven Provinciën heeft maandagochtend bij Somalië meegeholpen om een aanval van piraten op een tanker af te slaan. De marine kreeg een noodoproep van de onder Griekse vlag varende MV Anangel Innovation, omdat die werd belaagd door een skiff, een snelle motorboot.

Dat heeft Defensie maandag bekendgemaakt. De zeven aanvallers sloegen op de vlucht toen een Japanse marinehelikopter verscheen, die volgens Defensie enkele minuten eerder bij de 289 meter lange tanker was dan de Nederlandse maritieme helikopter Lynx. De Lynx probeerde de vluchtende aanvallers te stoppen met waarschuwingsschoten.

Dat lukte pas toen het fregat was gearriveerd en met mitrailleurs ook waarschuwingsschoten loste. De vermeende zeerovers gooiden toen hun wapens en andere attributen om een schip mee te enteren overboord. De Nederlanders hebben de zwaardere buitenboordmotoren inbeslaggenomen. De skiff kon met een lichte motor naar het vasteland varen.

Het luchtverdedigings- en commandofregat doet momenteel mee aan de antipiraterijmissie Ocean Shield van de NAVO.

Geplaatst in Defensie, NAVO, Piraterij | Tags: , , , | Plaats een reactie

Nederland in de ‘Country Reports on Terrorism 2009’

Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken heeft afgelopen week de jaarlijkse ‘Country Reports on Terrorism‘ gepubliceerd.

Er staat ook een hoofdstuk in over de ontwikkelingen op terrorismegebied in Nederland. De informatie in dat deel is grotendeels afkomstig van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding.

Verder valt er een intigrerende zin op in de inleiding over Europa: “The level of threat in Western Europe remained high, particularly in the Netherlands, Denmark, Germany, France, the United Kingdom, and Belgium.” (pagina 63)  Omdat dit zestal landen niet in alfabetische volgorde wordt genoemd zou de lezer kunnen denken dat het dreigingsniveau vorig jaar in Nederland hoger was dan in de andere genoemde landen. Navraag gedaan bij het State Department. Het antwoord: “The order does not reflect a descending or ascending threat level.” Met andere woorden: de volgorde heeft geen bijzondere betekenis (je zou denken, noem de landen dan in alfabetische volgorde, maar goed).

Onderstaand het hoofdstuk over ontwikkelingen op terrorismegebied in Nederland in 2009.

The Netherlands

The Netherlands continued its response to the global terrorist threat with leadership and energy in the areas of border and transportation security, terrorist financing, bilateral counterterrorism cooperation, and Coalition efforts in Afghanistan. The Netherlands had 1,800 troops deployed in Afghanistan as part of the International Security Assistance Force. The Dutch led a Provincial Reconstruction team in Uruzgan province, commanded NATO‘s efforts in southern Afghanistan through November, and contributed approximately US$ 95 million in development aid for Afghanistan. The Netherlands maintained five trainers supporting the NATO Training Mission in Iraq, rotated officials for the EU rule of law mission in Iraq, and dedicated naval resources to the counter-piracy efforts off the coast of Somalia.

In its December 2009 quarterly terrorism threat analysis, the Dutch National Counterterrorism Coordinator (NCTb) lowered the national threat level to “limited” from “substantial”, meaning chances of an attack in the Netherlands or against Dutch interests were relatively small but could not be ruled out entirely (The Netherlands has four threat levels: minimum, limited, substantial and critical). The NCTb attributed the reduced threat level to the fact that the Netherlands was less in the picture of international terrorist organizations as a specific “preferred target.” The NCTb also noted that al-Qa‘ida‘s (AQ) power to strike in Europe was less than a year ago. The NCTb believed that the threat of an attack against Dutch interests abroad was greater in countries and regions where groups affiliated with AQ were more active than in the Netherlands itself. According to the NCTb, the growth of domestic extremist networks seems to have decreased in recent years as a result of increased resistance to extremists within Muslim communities in the Netherlands.

The NCTb also cited a report by the General Intelligence and Security Service (AIVD) showing that the growth of the Salafist movement in the Netherlands was stagnating, partly as a result of increased resistance by Muslims in the Netherlands to the anti-integration message of Salafist centers. Another factor that appeared to play a role was that, in the eyes of believers, some preachers are not sufficiently applying the doctrines they teach in their personal lives. According to the NCTb, the puritanical lifestyle, which demands considerable personal sacrifices and the limited scope for independent thinking, causes orthodox Muslims to leave the movement.

The Justice Ministry‘s “Netherlands against Terrorism” campaign continued in 2009, with a particular focus on prevention of radicalization. A study commissioned by the City of Amsterdam concluded in October that the two-day training sessions given to professionals on how to recognize and handle radicalization were effective. The government‘s terrorism alert system, which became operational in June 2005, now includes fourteen economic sectors: the financial sector, seaports, airports, drinking water, railway, natural gas, oil, electricity, nuclear, chemical, municipal and regional transport, hotels, public events, and tunnels and flood defense systems.

In November, the Foreign Minister announced plans to establish an international counterterrorism institute in The Hague. The institute is to focus on ways to prevent terrorism; strengthen and supplement international legal architecture for countering terrorism; and the relationship between counterterrorism policy, human rights, the rule of law, and international humanitarian law. The institute is to become an independent hub in the international counterterrorism network that includes academics, policy makers, and law enforcers from Europe, the United States, Asia, and the Middle East. It will also be engaged in prevention research, training, and will organize international symposia.

One major terrorism-related appeal case was still pending a Supreme Court ruling at year‘s end. In February 2008, the public prosecutor‘s office in The Hague appealed the verdict by the appeals court of The Hague that acquitted the seven members of the Hofstad terrorist group of participating in a criminal and terrorist organization.

In November, the appeals court in The Hague sentenced two former associates of convicted terrorist Samir Azzouz to an unconditional prison sentence of 104 and 74 days, respectively, which is equal to the time they served in pre-trial detention.

In September, the national prosecutor‘s office released four men from The Hague who were arrested in Kenya in July on suspicion of preparing a terrorist attack. The four suspects allegedly were travelling in a rented truck to an al-Shabaab terrorist training camp in Somalia. According to the prosecutor‘s office, there was insufficient evidence to detain them any longer. However, the four – two Dutch nationals of Moroccan origin, one of Somali origin, and a Moroccan national with a Dutch residence permit – remained suspects and the police investigation continued.

In November, the Dutch police, at the request of U.S. law enforcement authorities, arrested Somali terrorist suspect Mahamud Said Omar in a center for asylum seekers. Omar, a Somali citizen granted permanent U.S. resident status in 1994, is suspected of financing weapons for terrorists and helping young men travel from Minneapolis to Somalia to train with and fight for al-Shabaab. U.S. authorities have requested Omar‘s extradition.

On December 25, Nigerian national Umar Farouk Abdulmutallab unsuccessfully attempted to detonate an explosive device on a Northwest Airlines flight from Schiphol Airport in Amsterdam to Detroit. His attempt was foiled by an alert Dutch passenger, and he, the aircraft crew, and other passengers quickly subdued the suspect. Abdulmutallab arrived at Schiphol from Lagos where, after spending roughly an hour in the transfer area, he was subjected to the standard U.S. government-required security screening for U.S.-bound flights. Al-Qa‘ida in the Arabian Peninsula later claimed responsibility for the failed attempt.

Dutch officials remained committed to active cooperation with the United States in designating known terrorist organizations and interdicting and freezing their assets, and supported the continued exchange of information on financial transactions. The Dutch government worked with the United States to emphasize the importance of balancing security and the effectiveness of the financial system. In July, the Netherlands assumed Presidency of the Financial Action Task Force for a one-year period.

In July, following the recommendations of a committee that investigated ways to improve the cohesion of Dutch counterterrorism legislation, the government decided to initiate an external investigation into the cohesion, legitimacy, effectiveness, and operational practicality of Dutch counterterrorism laws and regulations. The committee concluded that many counterterrorism laws passed in recent years overlap and might even be in conflict with fundamental human rights. The committee noted a general lack of guidelines for coordinating government action in the event of terrorist incidents and concluded that cooperation between departments was the vulnerable point. In line with the committee‘s recommendations, Justice Minister Hirsch Ballin requested the Upper House of Parliament defer action on the Bill on Administrative National Security Measures, which would have allowed the Interior Minister to issue restraining orders to prohibit a terrorist suspect‘s physical proximity to specific locations or persons.

In June, a bill became effective making participation and cooperation in a terrorist training camp a serious punishable offense, even if the training takes place outside the Netherlands.

The Netherlands continued its strong commitment to effective cooperation with the United States on border security issues. In April, Justice Minister Hirsch Ballin and U.S. authorities performed the opening of the new FLUX (Fast Low Risk Universal Crossing) system at JFK airport enabling registered travelers between Amsterdam and a number of U.S. airports to go straight through U.S. immigration controls using iris scanners. FLUX was an initiative of the Dutch Justice Ministry and the Department of Homeland Security.

In December, the FBI hosted the Netherlands Police Agency (KLPD) for the second counterterrorism “Experts Meeting” in Washington, D.C. During the meeting, experts from the FBI and KLPD presented topics of mutual interest and concern to both the United States and the Netherlands. The meeting was the result of recommendations from the 2007 “Agreed Steps”  meeting. The first “Experts Meeting” was hosted by the KLPD in the Netherlands in November 2008.

Geplaatst in Terrorisme | Tags: , , , , , | Plaats een reactie

Taliban statement on Dutch withdrawal from Uruzgan

(The following statement appeared last Wednesday on the website of the Taliban movement, ‘Voice of Jihad‘)

Why not the other NATO countries follow suit?

It is determined that Holland’s forces of nearly 2000 troops will be withdrawn by earlier this month. This move practically put an end to its invasion of Afghanistan.

The Dutch refused the endeavors and insistence of the US to extend its troops stay till 2012, asserting that it is no longer willing to stay further and continue having its soldiers killed on the ground in Afghanistan.

The US’ urge to persuade the Holland to continue its troops’ military presence in Uruzgan province at least for another two months bore no fruit as the Dutch remained inflexible to pull its forces out of Afghanistan as scheduled.

On the other hand, the public of the Netherlands and its diplomats are comfortable and express their joys and solidarity over the decision of troops’ pullout from Afghanistan and consider it a rational motive to avoid the collapse of their own country.

Huffington post, a well-known Dutch press quoted some analysts, as saying that several of the NATO countries intend to take up the Dutch slack and bring their mission in Afghanistan to an end so as to avoid the wasted lives of their soldiers on the ground.

The post reported Gen Van Uhm, commander of the Dutch forces in Uruzgan, as saying in spite of the fact that the Dutch forces had a tough four-year long mission full of risks in such a dangerous place as Uruzgan and he had lost his 23-year old son in clashes with Taliban, yet he is happy to make a timely return for his home country.

With the US bankrupting itself in the war and bringing its empire to the verge of collapse, the Dutch troops’ withdrawal is, undoubtedly, a devastating blow to it which leaves military and financial gab on the ground whose burden may be covered by the US itself.

Furthermore, the withdrawal of the Dutch forces from Afghanistan could possibly provide grounds for Germany to prove its claim to follow suit.

Under circumstances, that is understandable that Germany’s stand to follow suit may create a strong inclination in other partnering countries to accelerate their troops’ withdrawal process as the US’ important allies such as Canada, Australia and Britain that view the war in Afghanistan with disappointment, mistrust and the fact remains that the war is an unbearable burden on their shoulders which will get them nowhere.

Every observer would say the US government and military lied to their teeth in order to cover up the failure of their policies and their war crimes in Afghanistan and to irrationally justify Afghan war, while it is a common knowledge that the Afghan nation has a brighter history of good relations worldwide as long as the war  is not imposed on them.

In the end, the Islamic Emirate of Afghanistan view the Dutch forces’ pullout as a genuine effort to meet the wants and demands of both Afghan and Dutch nations and a move in better interests of both countries, asking the allied countries which have invaded Afghanistan in collaboration with the US invading forces to take up the Dutch slack and respect the moral, social and religious values of Afghan war-stricken nation and do the job of leaving Afghanistan, the earlier the better, since it is advisable to do something earlier than what has to be done later with dire consequences. Moreover, they are to stop rubber stamping and following the US blindly which is no one else’s friend and well-wisher knowing none but its interests, and to avoid further wasted lives of their soldiers in Afghanistan.

It rational that the US forces should be left in Afghanistan alone to stew in their own juice and suffer the dire and dangerous consequences of their violation and invasion of another country.

Geplaatst in Afghanistan, Uruzgan | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Commando-overdracht Uruzgan: bescheiden ceremonie

DEN HAAG (ANP) – Het einde van de Nederlandse missie in Uruzgan gaat zondag gepaard met bescheiden ceremonieel vertoon.

Op Kamp Holland bij Tarin Kowt worden enkele toespraken gehouden en zal de Nederlandse vlag van de Task Force Uruzgan gewisseld worden voor de vlag van het CTU (Combined Team Uruzgan), meldde Defensie vandaag.

Er zijn geen hoge Nederlandse militairen of politici bij aanwezig. Zij hebben de Nederlandse troepen onlangs nog bezocht. Het grootste deel van de TFU-militairen is al vertrokken. Een andere eenheid is gearriveerd om ervoor te zorgen dat de Nederlandse spullen de komende maanden teruggezonden worden. Ook de symbolen van Kamp Holland worden meegenomen.

De Amerikanen en de Australiërs nemen samen het commando over van Nederland. Ook andere landen zoals Singapore blijven actief in de provincie. Het grootste militaire kamp in Uruzgan heet voortaan Multinational Base Tarin Kowt.

Nederland voerde het bevel van de coalitiemacht in Afghanistan (ISAF) in de zuidelijke provincie Uruzgan sinds 1 augustus 2006. Aanvankelijk zou de missie twee jaar duren, maar die termijn werd later verdubbeld.

In februari viel het kabinet doordat de coalitiepartijen het niet eens werden over een verlengde missie in afgeslankte vorm in Uruzgan. De fracties van de PvdA en de ChristenUnie wilden dat niet. Het CDA en minister Eimert van Middelkoop (Defensie, ChristenUnie) wilden wel door.

Geplaatst in Afghanistan, Defensie, Uruzgan, Verenigde Staten | Tags: , , | Plaats een reactie

De opbouw van ISAF in Afghanistan sinds 2001

DEN HAAG (ANP) – Westerse troepen zijn al ruim negen jaar actief in Afghanistan, sinds de Amerikanen en Britten de radicaalislamitische Taliban verdreven. Nederland leverde al kleine bijdragen in 2002, 2004 en 2005 voordat in 2006 de grote missie in Uruzgan begon. Een overzicht van de opbouw van de ISAF-macht.

11 SEPTEMBER 2001: Aanslag op Twin Towers en Pentagon en aanval in vliegtuig boven Pennsylvania: 2974 doden.

OKTOBER 2001: De Amerikanen noemen Osama bin Laden de kwade genius. Ze lanceren op 7 oktober de Operation Enduring Freedom (OEF) in Afghanistan, waar hij zou verblijven. Binnen twee maanden verdrijven de Amerikanen de Taliban, die Osama en zijn organisatie al-Qaeda een vrijhaven bood. Osama zelf is nog altijd niet gevonden.

DECEMBER 2001: Na de Bonn-conferentie vaardigen de Verenigde Naties op 20 december resolutie 1386 uit voor een troepenmacht in en rond de Afghaanse hoofdstad Kabul. Doel is het land te stabiliseren. ISAF-I is geboren, waaraan achttien landen meedoen onder Brits bevel.

JANUARI 2002: De eerste Nederlandse infanteriecompagnie met 220 militairen strijkt neer in Kabul. Daarna komen er nog versterkingen zoals een peloton Korps Commandotroepen, een mariniersbataljon en vliegers voor de Apaches en F-16’s.

OKTOBER 2002: Nederland en Duitsland bereiden zich voor op het commando van ISAF-III, vanaf februari 2003 in Kabul.

AUGUSTUS 2003: De NAVO neemt het bevel en de coördinatie over van ISAF.

DECEMBER 2003: De NAVO besluit ISAF-IV uit te breiden over heel Afghanistan. Dat gebeurt in fases.

JUNI 2004: De NAVO stelt provinciale reconstructieteams (prt’s) in om beter te kunnen helpen bij de wederopbouw. Nederland gaat hier ook aan bijdragen in de provincie Baghlan.

OKTOBER 2004: Op 7 oktober wordt de tijdelijk Afghaanse leider Hamid Karzai gekozen tot president.

SEPTEMBER 2005: eerste parlementsverkiezingen in Afghanistan in dertig jaar. Nederland stuurt daarvoor 750 extra manschappen en wat specialistische eenheden.

DECEMBER 2005: De ministers van de NAVO-landen beslissen dat ISAF naar het gevaarlijke zuiden wordt uitgebreid. Ook spreken ze af te helpen bij de wederopbouw van het Afghaanse leger en de politie.

FEBRUARI 2006: De Tweede Kamer stemt in met een missie van twee jaar met 1200 man in de achtergestelde zuidelijke provincie Uruzgan.

VOORJAAR 2006: Ongeveer 850 kwartiermakers bouwen de bases bij Tarin Kowt en Deh Rawod op.

AUGUSTUS 2006: ISAF begint in het zuiden; de Nederlandse militairen (TFU) zitten in Uruzgan, samen met Australiërs.

DECEMBER 2007: De Tweede Kamer stemt in met twee jaar verlenging van de TFU-missie tot 1 augustus 2010.

MAART 2009: 42 (niet-) NAVO-landen leveren bijna 62.000 manschappen aan Afghanistan.

AUGUSTUS 2009: Voor de tweede keer ooit kiest Afghanistan zijn president.

NAJAAR 2009: De Amerikaanse president Barack Obama besluit extra troepen naar Afghanistan te sturen. De NAVO vraagt andere partners dat ook te doen.

FEBRUARI 2010: Nederlands kabinet valt over ruzie rond Uruzgan. PvdA en de ChristenUnie willen er echt weg, maar het CDA niet.

JULI 2010: In totaal 46 landen dragen meer dan 119.000 troepen bij aan ISAF, onder wie ruim 78.000 Amerikanen. Er zijn 27 provinciale opbouwteams.

AUGUSTUS 2010: Nederland vertrekt als een van de eerste landen en draagt het commando in Uruzgan over aan de Amerikanen en Australiërs.

Geplaatst in Afghanistan, Defensie, NAVO, Uruzgan | Tags: , | Plaats een reactie