Dear Henk

Geplaatst in Defensie | Tags: , , | Plaats een reactie

Domme Somalische piraten…

Het Nederlandse fregat Hr.Ms. Tromp is zondag voor de tweede keer in korte tijd ‘aangevallen’ door Somalische piraten. Dat gebeurde op 270 zeemijlen uit de kust van Somalië, meldt Defensie.

Een Duits maritiem patrouillevliegtuig had een aanvalsgroep van piraten (een ‘moederskiff’  en twee aanvals-skiffs) opgemerkt en de Tromp was er op afgestuurd. Op acht zeemijlen afstand voerden de twee aanvalsskiffs snel op de Tromp af, volgens Defensie “in de veronderstelling dat het marinefregat een koopvaarder was”.

Toen de piraten doorkregen dat ze een vergissing hadden gemaakt gingen ze er vandoor. Met waarschuwingsschoten met het 127mm scheepskanon zijn ze tot bijliggen gedwongen. De boordhelikopter van de Tromp onderschepte de moederskiff. Een boarding team van het Korps Mariniers nam polshoogte. Volgens Defensie zijn de twee aanvalsskiffs vernietigd en de in totaal twaalf piraten “met voldoende eten, drinken en brandstof” op hun moederskiff terug naar Somalië gestuurd.

Hr.Ms. Tromp neemt momenteel deel aan de Europese antipiraterij-operatie Atalanta.  Vooral de afgelopen week boekte het fregat succes door 32 piraten op te sporen en te ontwapenen, op een totaal van 44.

(foto’s: ministerie van Defensie)

Geplaatst in Piraterij | Tags: , , , | Plaats een reactie

Brief Kabinet over de terugtrekking uit Uruzgan

Het demissionaire kabinet heeft vandaag een ‘Stand van Zaken’-brief Afghanistan aan de Tweede Kamer gestuurd. Dat is een regulier document waarin de ontwikkelingen op tal van terreinen worden beschreven.  Maar de brief gaat ook in op de aanstaande terugtrekking (Redeployment) van de Nederlandse troepen uit Uruzgan. Minister Eimert van Middelkoop zei er eerder deze week al wat over tijdens een uitzending van Pauw en Witteman. Daarop ontstond in Den Haag enige commotie, vooral omdat de kosten van de redeployment hoger zouden uitvallen dan eerder meegedeeld, en omdat de bewindsman de mogelijkheid open hield dat de grote verhuisoperatie niet in december zal zijn afgerond maar een beperkt aantal ‘verhuizers’ nog tot begin 2011 met hun werk bezig zullen zijn. Onderstaand de passage over de Redeployment uit de Kamerbrief, inclusief een uitleg over de financiële aspecten. De brief is ondertekend door de ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie.

+++++++++++++

Redeployment

Naar verwachting zal in april een besluit worden genomen over de opvolging van Nederland als lead nation in Uruzgan. Een goede overdracht van de door de TFU opgebouwde kennis en ervaring is daarbij van groot belang. In overleg met de nieuwe lead nation zal worden bezien hoe het vertrek van de Nederlandse aanwezigheid vorm krijgt, zodat de overdracht voldoende zorgvuldig kan plaatsvinden. Op 1 augustus zullen de Battlegroup en de staf van de TFU en de commando’s en mariniers van Taskforce 55 niet langer operationeel zijn. De Operational Mentoring and Liaison Teams zullen al eerder hun taken overdragen. Met het hoofdkwartier van RC-South wordt overleg gevoerd over de overname van de gebiedsverantwoordelijkheid voor de veiligheid en van de verantwoordelijkheid voor de training en mentoring van de Afghaanse politie in Uruzgan. De taken in het kader van training en mentoring van het Afghaanse leger wordt overgedragen aan Australië. Voor het overdragen van een deel van de ondersteunende taken wordt het Multinational Base Command in Tarin Kowt opgericht. De verschillende landen die in Tarin Kowt actief zijn, nemen deel aan deze organisatie.

Om de redeployment in goede banen te leiden is in januari 2010 een Redeployment Task Force (RDTF) geformeerd, die vanaf de zomer in Uruzgan en op Kandahar Airfield wordt ontplooid. Deze eenheid zal formeel onder het commando van ISAF opereren en door RC- South worden ondersteund. De RDTF zal de terugkeer van personeel en materieel begeleiden en het strategisch transport in het gebied voorbereiden. Force Protection eenheden, inlichtingenpersoneel en personeel voor het opsporen en onschadelijk maken van IED’s zullen onderdeel uitmaken van de RDTF. De gereedstelling van de RDTF is inmiddels in volle gang. Vooral het ontmantelen van de infrastructuur die niet kan worden overgedragen, het bijeenbrengen van het materieel uit diverse locaties in de provincie en het gereedmaken van het materieel voor het vervoer vergt een forse inspanning. Momenteel wordt overleg gevoerd met internationale partners en met de Afghaanse autoriteiten om te bezien welk materieel en welke infrastructuur kan worden overgedragen. Nadat hierover afspraken zijn gemaakt, kan het definitieve volume van terug te transporteren materieel worden vastgesteld. De benodigde capaciteiten in de RDTF zijn mede afhankelijk van dit volume en van de ondersteuning die andere landen kunnen bieden, bijvoorbeeld voor de bescherming van transporten. Voor die bescherming zullen overigens de Nederlandse F16 gevechtsvliegtuigen en de Apache gevechtshelikopters tijdens de redeployment in Afghanistan actief blijven. Zij zullen primair worden ingezet voor de bescherming van de redeployment en het betrokken personeel.

De personele omvang van de RDTF staat nog niet vast. Die omvang ligt naar verwachting tussen de 800 en ruim 1.400 militairen, die gefaseerd worden ingezet. Mede afhankelijk van het terug te vervoeren volume en de afspraken met een nieuwe lead nation kan het voor een efficiënte en veilige uitvoering van de redeployment nodig zijn dat een klein detachement van de RDTF de eerste maanden van 2011 nog in Uruzgan actief is. De militairen van de TFU zullen in ieder geval in december 2010 naar Nederland zijn teruggekeerd. Nadat de gesprekken met de Afghaanse autoriteiten, internationale partners en het hoofdkwartier van RC-South tot conclusies hebben geleid, kunnen de uiteindelijke omvang van de RDTF en de einddatum van de redeployment worden vastgesteld. Vóór de zomer zal de Kamer nader over de redeployment worden geïnformeerd.

Financiële aspecten

In de artikel 100-brief inzake de Nederlandse bijdrage aan ISAF na 1 augustus 2008 (Kamerstuk 27925, nr. 279) is gemeld dat voor de redeployment een bedrag van € 115 miljoen is gereserveerd, wat toen gelijk stond aan vijf/twaalfde deel van de jaarlijkse kosten voor de militaire inzet in Afghanistan. Aan dit bedrag lag geen raming ten grondslag. Inmiddels is een raming van de uitgaven voor de redeployment opgesteld. Daaruit blijkt dat de uitgaven hoger zullen uitvallen dan het bedrag dat destijds werd gereserveerd. Volgens deze raming bedragen de uitgaven voor de inzet van de RDTF, het transport van personen en materieel, en het onderhoud en herstel van materieel ongeveer € 229 miljoen. Deze uitgaven komen in 2010, 2011 en 2012 ten laste van de voorziening voor de uitvoering van crisisbeheersingsoperaties van de HGIS. De uitgaven staan los van de Van Geel- en Bosgelden die aan de Defensiebegroting zijn toegevoegd voor de vervroegde vervanging van materieel.

De bijgestelde raming voor de redeployment is de belangrijkste reden dat de totale uitgaven voor de Nederlandse bijdrage aan ISAF hoger uitvallen. Op basis van de nu bekende informatie wordt de raming met € 103 miljoen verhoogd van € 1.311 miljoen naar € 1.414 miljoen. In 2010 zal mede hierdoor een tekort op de structurele voorziening voor de uitvoering van crisisbeheersingsoperaties van de HGIS op de defensiebegroting ontstaan. Dit tekort zal bij Voorjaarsnota worden verwerkt. In 2011 en verder zijn op dit moment geen tekorten voorzien.

(Bron: Ministerie van Buitenlandse Zaken, 26 maart 2010)

Geplaatst in Afghanistan, Defensie, Uruzgan | Tags: , , , | Plaats een reactie

Minister van Middelkoop over dreigementen jegens thuisfront

De Telegraaf berichtte op 15 maart over ‘veelvuldige bedreigingen’  aan het adres van familieleden van militairen die naar Uruzgan zijn uitgezonden. Op verzoek van de Tweede Kamer heeft minister van Defensie Eimert van Middelkoop de zaak onderzocht. Volgens de bewindsman komen bedreigingen van het thuisfront van Uruzgangangers ‘enkele malen per jaar’ voor.  Onderstaand zijn brief aan de Kamer.

+++++++++++++++

De Voorzitter van de Tweede Kamer
der Staten Generaal
Plein 2
2511 CR Den Haag

Datum 23 maart 2010

Betreft Bedreiging van familieleden van uitgezonden militairen

Naar aanleiding van het verzoek van de vaste commissie voor Defensie van 18 maart 2010 (kenmerk 2010Z04752/2010D13981) informeer ik u hierbij over de berichtgeving over bedreigde familieleden van uitgezonden militairen.

Het blad “De Onderofficier” heeft onlangs aandacht besteed aan bedreigingen van familieleden van militairen die op uitzending zijn of zullen gaan. Daarbij worden enkele voorbeelden genoemd. Vervolgens hebben verschillende media hierover bericht. De voorbeelden zijn bij Defensie bekend. Deze voorbeelden dateren uit 2005, 2007 en 2008.

Bedreiging van familieleden van militairen op uitzending komt een paar keer per jaar voor. Iedere bedreiging is een ernstig vergrijp en wordt serieus genomen. Bovendien is een dergelijke bedreiging een extra belasting voor de militair die op uitzending is of gaat, en voor zijn of haar thuisfront. Zodra een bedreiging is gemeld, wordt altijd vanuit Defensie contact opgenomen met de familie van de militair om te bezien op welke wijze de betrokkenen kunnen worden ondersteund. Daarnaast onderzoekt de MIVD iedere bedreiging. De militair of zijn familie wordt bovendien gewezen op de mogelijkheid aangifte te doen bij de Koninklijke Marechaussee of de politie, zodat een strafrechtelijk onderzoek mogelijk is.

Waar de bedreigingen vandaan komen, blijft helaas vaak onbekend. In de gevallen waarbij de oorsprong van de bedreiging wel is achterhaald, blijkt deze meestal in de privésfeer te liggen. De bedreiging heeft dan geen relatie met het werk van de militair of de uitzending. Er is gesuggereerd dat deze bedreigingen uit links-extremistische hoek afkomstig zouden zijn. Hiervoor zijn geen aanwijzingen. Er zijn bovendien geen aanwijzingen dat de bedreigingen het werk zijn van een organisatie of dat familieleden van militairen extra risico lopen in verband met de aanstelling als militair of de uitzending.

Vanuit de defensieorganisatie worden militairen en hun thuisfront er voorafgaand aan de uitzending op thuisfrontinformatiedagen op gewezen terughoudend te zijn met het verstrekken van bepaalde informatie. Daarbij kan het ook om gewone, niet gerubriceerde informatie gaan, zoals de naam van de militair en het feit dat hij of zij op uitzending gaat. Bovendien wordt aan dit onderwerp aandacht besteed tijdens de missiegerichte opleiding van de militair. Door militairen bewust te maken van het belang terughoudend te zijn met het verstrekken van persoonlijke informatie kunnen eventuele bedreigingen worden voorkómen. Ook het artikel in “De Onderofficier” heeft als doel dit veiligheidsbewustzijn te bevorderen.

DE MINISTER VAN DEFENSIE

E. van Middelkoop

(bron: ministerie van Defensie, 23 maart 2010)

Geplaatst in Afghanistan, Defensie, Uruzgan | Tags: , | Plaats een reactie

Letter on nuclear disarmament of 5 Nato member states

His Excellency
Mr Anders Fogh Rasmussen
Secretary General to the
North Atlantic Treaty Organisation
NATO Headquarters
Brussels

26 February 2010

Excellency,

In the Strasbourg Declaration on Alliance Security, Heads of State and Government have stated that while deterrence remains a core element of our overall strategy, NATO will continue to play its part in reinforcing arms control and promoting nuclear and conventional disarmament in accordance with the Nuclear Non-Proliferation Treaty, as well as non-proliferation efforts.

The international agenda in the field of arms control, disarmament and non-proliferation will converge in the spring of 2010. START follow on negotiations are ongoing and the US Nuclear Posture Review is expected to be published soon. We welcome the US initiative for a nuclear security summit in April 2010. The NPT review conference in May is a crucial milestone for strengthening the international regime for nuclear disarmament and non-proliferation.

We hope we will see further achievements in the area of disarmament and arms control, i.a. the ratification of the CTBT, a fissile material cut-off treaty (FMCT) and the inclusion of sub-strategic nuclear weapons in subsequent steps towards nuclear disarmament.

Credible deterrence on the one hand and arms control, disarmament, and non-proliferation on the other, must be seen as integral elements of a comprehensive policy. NATO will have to continue to pursue that policy in a balanced and mutually reinforcing way, as has been proven successful in the past.

Arms control, disarmament, and non-proliferation are higher on the international agenda than they have been in many years. We welcome the initiatives taken by President Obama to strive towards substantial reductions in strategic armaments, and to move towards reducing the role of nuclear weapons and seek peace and security in a world without nuclear weapons. We believe that also in NATO we should discuss what we can do to move closer to this overall political objective.

Our meeting in Tallinn, which takes place on the eve of the NPT Review Conference, provides us with an opportunity to open a comprehensive discussion on these issues and to produce guidance for the process on the new Strategic Concept. Belgium, Germany, Luxembourg, the Netherlands and Norway therefore propose that you include the topic of NATO’s nuclear policy in our evolving security environment in the agenda for that meeting.

We approach this discussion from a realistic point of view. Our future policy requires the full support of all Allies.  NATO is in the process of defining its direction in an evolving security environment. We consider our initiative as a contribution to this discussion. This is an opportunity we should not miss.

Steven Vanackere
Minister of Foreign Affairs
of the Kingdom of Belgium

Guido Westerwelle
Minister of Foreign Affairs of
the Federal Republic of Germany

Jean Asselborn
Minister of Foreign Affairs
of the Grand Duchy of Luxembourg

Maxime Verhagen
Minister of Foreign Affairs
of the Kingdom of the Netherlands

Jonas Gahr Store
Minister of Foreign Affairs of the Kingdom of Norway

Geplaatst in NAVO | Tags: , , , , | Plaats een reactie

Afghanistan: NATO again urges the Netherlands to stay

NATO has again called on the Netherlands to stay on in Afghanistan in a military capacity, arguing that a complete pull-out would have “major political consequences”. NATO’s spokesman James Appathurai told Radio Netherlands on Friday that the impact could “not be underestimated” and that it would send a “worrying signal” to the Afghans. The alliance’s reputation would also come under pressure, he said.

After the fall of the Dutch government last weekend, a November 2007 decision to withdraw all 1500 troops from Uruzgan as from next August must now be executed, unless parliament instructs the current caretaker government to do otherwise. However, a majority of the political parties in the Second Chamber of parliament oppose a continued military presence in Uruzgan. NATO says it will find enough troops to fill the gap left by the announced Dutch withdrawal from Uruzgan.

It remains unclear who NATO Secretary General Rasmussen consulted ahead of writing his February 4th letter asking the Dutch to stay on with a smaller training mission. The issue sparked the collapse of the government last Saturday when Labour ministers left the government of Prime Minister Jan Peter Balkenende.

Listen to an interview of our Brussels correspondent Vanessa Mock with James Appathurai, spokesman of NATO.

Verbatim text of parts of the interview:

On consultations with the Dutch government prior to the February 4th letter:
”Of course he talked to The Hague, he wouldn’t do this in isolation. But when he writes a letter, he writes his views, also based also on extensive consultations with our military authorities. All of those consultations took place.

“I don’t know specifically with whom he spoke. And I see no particular reason for the Secretary General to make public the names of individuals with whom he spoke. Our approach in The Hague to ensure that the Dutch could have a smaller mission in place.

“The Dutch do a great job and we want to see it continue in a very important part of the country. It’s as simple as that.”

On the impact of a Dutch pull-out:
“We will manage. There are a lot of forces on the ground and lot of countries. The number will grow to 46 [countries] in the coming days, so there are more countries coming on board and more forces.

“But I don’t think, to be very honest, that we can underestimate the impact of this. It sends a worrying signal to the Afghans in Uruzgan and they have already expressed it.  It has sparked an international media debate about NATO’s staying power.

“Now we have to respond to that and demonstrate that we have it. That discussion is on the table in a way it wasn’t before.  And all the other allies now have to look at what they might have to do to fill the gap of what the Dutch were. Does it have a cost? Yes, it has a cost.

“Training of the Afghan forces is key. We are going to have to be a position to give lead responsibility more and more to the Afghans in the coming months and years.  So all the allies are trying to see what they can do to provide more trainers so we are continuing to press all the allies, including the Netherlands, to do more to help with training. That’s the future for Afghanistan and for our mission.”

Geplaatst in Afghanistan, NAVO, Uruzgan | Tags: , , , , , | Plaats een reactie

De gevolgen van de kabinetcrisis voor de missie in Uruzgan

Het kabinet Balkenende IV heeft geen overeenstemming bereikt over de mogelijkheid en wenselijkheid van voortgezette Nederlandse militaire betrokkenheid bij ISAF na december 2010. In dat licht hebben de PvdA bewindslieden hun ontslag aangeboden en de CDA- en CU bewindslieden hun portfeuilles ter beschikking gesteld.

Wanneer een beslissing genomen kan worden over een toekomstige Nederlandse militaire bijdrage na 2010 kan nu nog niet worden medegedeeld. Dat zal moeten worden bepaald zodra bekend is op welke basis het demissionaire kabinet de werkzaamheden voortzet.

Maar voorlopig betekent het dat het besluit omtrent de Nederlandse missie in Uruzgan van 2007 van kracht blijft. Dat betekent:

– dat op 1 augustus Nederland de leidende verantwoordelijkheid voor de provincie Uruzgan opgeeft; de NAVO cq de NAVO-bondgenoten zullen moeten bepalen welk land die verantwoordelijkheid overneemt;
– per december zal de Task Force Uruzgan zijn teruggetrokken uit Uruzgan. De afbouw van de TFU vindt dus plaats in de periode augustus-november.

In de komende weken zal Nederland met de NAVO en de bondgenoten overleggen over de voorbereiding van de overdracht van de leidende verantwoordelijkheid voor Uruzgan.

Ook geldt dat met de NAVO en de bondgenoten spoedig contact wordt opgenomen om hen te informeren over de situatie, nadat de consequenties van de val van het kabinet in Nederland helder in kaart zijn gebracht.


The consequences for the mission in Uruzgan

The fourth Balkenende government was unable to agree on whether the Netherlands’ military involvement in ISAF after December 2010 should continue.

For that reason, the Labour Party ministers and state secretaries have tendered their resignation, and the Christian Democrat and Christian Union ministers and state secretaries have indicated their readiness to give up their portfolios.

It is not yet possible to say when a decision can be taken on a future Dutch military contribution after 2010. This will have to be decided as soon as it is known on what basis the caretaker government will continue its activities. For the time being, the decision on the Dutch mission in Uruzgan that was taken in 2007 remains in force. This means that:

* the Netherlands will give up its lead responsibility in the province of Uruzgan on 1 August; NATO or NATO allies will have to decide which country will take over that responsibility;
* the Task Force will be withdrawn from Uruzgan between August and November; the last soldier will have left by December.

A government decision on a military contribution to ISAF after 2010 is likely to be politically controversial and must therefore wait until a new government has taken office. The same will probably apply to a decision on the future deployment of F-16s, helicopters and headquarters staff, and on the stationing of development workers and diplomats outside of Kabul.

In the coming weeks the Netherlands will consult with NATO and its NATO allies to pave the way for the transfer of its lead responsibility for Uruzgan.

In addition, NATO and our allies will quickly be informed of the situation, once the consequences of the government’s collapse in the Netherlands have been clarified.

(verklaring van het kabinet op www.regering.nl, 20 en 21 februari 2010)

Geplaatst in Afghanistan, Defensie, NAVO, Uruzgan | Plaats een reactie

Verklaring Jan Peter Balkenende over val kabinet

Verklaring minister-president Balkenende na afloop van de ministerraad van 20 februari 2010

Later vandaag zal ik aan Hare Majesteit de Koningin het ontslag aanbieden van de ministers- en staatssecretarissen van PvdA-huize. De portefeuilles, het ambt en de functies van de overige ministers en staatssecretarissen zal ik ter beschikking stellen. Als voorzitter van de ministerraad heb ik helaas moeten vaststellen dat een vruchtbaar pad ontbreekt waarlangs dit kabinet van CDA, PvdA en Christen Unie verder zou kunnen gaan.

U heeft de afgelopen dagen kunnen zien dat de eenheid werd aangetast door voldongen feiten. Door uitspraken die haaks staan op besluiten die het kabinet recent heeft genomen en aan de Kamer heeft gemeld. Die uitspraken legden een politieke hypotheek op het collegiaal overleg. Ze zijn zorgvuldigheid in de weg gaan staan. In de richting van onze mannen en vrouwen in Afghanistan. Maar ook in onze relatie met de NAVO-partners.

We hebben vandaag in de ministerraad verkend of het vertrouwen kon worden hersteld. Een herbevestiging van de afspraken die we tien dagen geleden in de Treveszaal maakten en in de kennisgevingsbrief aan de Kamer vastlegden zou een basis hebben gelegd voor een voortzetting van de samenwerking. Dan hadden de verantwoordelijke ministers een voor het kabinet bevredigende optie kunnen voorstellen – zo mogelijk voor 1 maart.

Voor een minderheid van het kabinet bleek dit een brug te ver. Waar vertrouwen ontbreekt, is een poging het over de inhoud eens te worden bij voorbaat tot mislukken gedoemd. Het betekent hooguit een opmaat naar nieuwe controverse in de toekomst. Zeker met de uitdagingen waar Nederland voor staat: die vragen niet om de makkelijke weg maar om daadkracht.

Het voortbestaan van een kabinet kan nooit een doel in zichzelf zijn. Het zou moeten gaan om werk en welzijn in Nederland – nu en in de toekomst. En om de bijdrage die Nederland in redelijkheid kan leveren aan een betere wereld. Die intentie hadden mijn collega’s en ik drie jaar geleden bij de start. We ervaren het collectief en individueel als een nederlaag dat we hierin zijn tekort geschoten. Maar dat verandert aan de feiten en de conclusie die we hebben moeten trekken niets.

Het is nu niet het moment en de plaats om dieper op de schuldvraag in te gaan – laat staan die van een definitief antwoord te voorzien. Ik vertrouw erop dat u dit zult willen respecteren.

(Bron: RVD, 20.02.2010, 04.50 uur)

Geplaatst in Afghanistan, NAVO, Uruzgan | Tags: , | Plaats een reactie

Val kabinet: troepen weg uit Uruzgan

De val van het kabinet Balkenende IV betekent automatisch dat alle 1500 Nederlandse militairen uit Uruzgan worden teruggetrokken, zoals eind 2007 besloten was. De terugtrekking (‘redeployment’) begint op 1 augustus en zal in december zijn voltooid.

Het kabinetsbesluit uit 2007 (nog eens twee jaar in Uruzgan tot 1 augustus 2010) heeft geen betrekking op de inzet van de luchtmacht (vier F-16’s) op Kandahar Airfield of het leveren van militair personeel op het hoofdkwartier van de stalibilisatiemacht ISAF in Kabul en het regionale ISAF-hoofdkwartier op Kandahar Airfield. In theorie kan na 1 augustus ook het ‘burgerdeel’ van het Provinciaal Reconstructieteam in Uruzgan actief blijven. Dat betreft ambtenaren van het ministerie van Buitenlandse Zaken en Ontwikkelingssamenwerking.

Voor de terugtrekkingsoperatie had Defensie al een plan klaarliggen. Voor deze operatie staat een ‘Redeployment Task Force’ in de startblokken.

De missie in Uruzgan begin in maart 2006 met de inzet van een ‘Deployment Task Force’ die de komst van de Nederlandse troepenmacht in Uruzgan heeft voorbereid en uitgevoerd. Op 1 augustus van dat jaar ging de ‘Task Force Uruzgan’ officieel van start.

Momenteel omvat de Task Force Uruzgan ook honderden troepen van andere landen. Het grootste buitenlandse contigent is dat van Australië. Frankrijk en Slowakije doen ook aan de Task Force mee.

De missie in Uruzgan heeft direct of indirect 21 militairen het leven gekost. 16 militairen sneuvelden door toedoen van de tegenstander, waarvan een in de naburige provincie Helmand. De overige vijf doden vielen bij ongelukken en een geval van zelfmoord op Kamp Holland.

[display_podcast]

Geplaatst in Afghanistan, NAVO, Uruzgan | Tags: , | Plaats een reactie

Over en uit voor Uruzgan-missie

In Den Haag lijken de kaarten geschud. Er komt geen verlenging van de huidige missie in Uruzgan. Of het kabinet over deze kwestie zal vallen is een andere vraag. Veel speelruimte is er niet.

Vice-premier Wouter Bos maakte woensdagavond zijn standpunt nog eens duidelijk: de PvdA houdt vast aan het huidige kabinetsbesluit van eind 2007. Dat betekent: Nederland beëindigt op 1 augustus aanstaande zijn leidende rol in Uruzgan en begint met het terugtrekken van de ca. 1500 militairen uit de provincie. Die terugtrekking moet op 31 december zijn voltooid.

De ‘vertrekoperatie’ wordt uitgevoerd door een Redeployment Task Force, die voor dit doel al in de startblokken staat.  Hoe groot de verhuizing wordt hangt onder meer af van zulke praktische vragen als: wil een land wellicht de tweeduizend Nederlandse containers (de meesten gepantserd) overnemen? Zo nee, dan zullen die vertrekken zoals ze in 2006 gekomen zijn: via Pakistan en dan over zee retour naar Nederland.

Wat zal Nederland nu verder in Afghanistan gaan doen? Als het kabinet valt kunnen er geen nieuwe besluiten worden genomen, en houdt men na het vertrek van de Task Force Uruzgan alleen vier F-16’s op Kandahar Airfield over; wellicht wat burgers van Buitenlandse Zaken en Ontwikkelingssamenwerking in Tarin Kowt, en wat ‘los’ stafpersoneel voor het hoofdkwartier van ISAF in Kabul en het regionale hoofdkwartier op Kandahar Airfield.

Als het kabinet niet valt zal, zoals de kaarten nu liggen, de Task Force Uruzgan ook in zijn geheel vertrekken.  De PvdA zei woensdag dat er nog gepraat kan worden over: ontwikkelingssamenwerking en opbouw van het Afghaanse bestuur (zonder daarbij te zeggen of dat ín of buiten Uruzgan zou moeten gebeuren); het trainen van Afghaanse politieagenten in reeds bestaande en door anderen beveiligde trainingscentra elders in Afghanistan, en het voortzetten van de huidige missie van de F-16’s op Kandahar Airfield. De PvdA heeft (nog) niets gezegd over het trainen van Afghaanse militairen. Zeker lijkt dat de partij niet wil dat die opleidingen,  zoals nu het geval is, in Uruzgan zelf en ‘buiten de poort’ plaats vinden.

Veel speelruimte is er niet. Persoonlijk ben ik benieuwd of wellicht toch een deel van het huidige Provinciaal Reconstructieteam (PRT) in Uruzgan zal blijven. Dat kunnen, gegeven de voorwaarden die de PvdA heeft gesteld, alleen burgers zijn: medewerkers van het ministerie van Buitenlandse Zaken en Ontwikkelingssamenwerking.  Mogelijk kan er nog een compromis worden bereikt om ook de huidige ‘burgers-in-uniform’ van het PRT te behouden. Dat zijn reservisten van de krijgsmacht die betrokken zijn bij een breed scala aan opbouwactiviteiten.

Geplaatst in Afghanistan, NAVO, Uruzgan | Plaats een reactie